Paradogma

amvkparadogma

Vanavond opent in het MHKA de retrospectieve met werk van Anne-Mie Van Kerckhoven, AMVK.

In haar boek Paradogma uit 1993 lees ik dit mooie fragment:

Het is me een waar genoegen 2 soorten stappen bij mezelf te kunnen ontwaren: een vrouwelijke en een mannelijke.

De mannelijke op de trap: traag maar zeker, vrij, eenzaam, gedreven, bedwongen energie, gelaten en weemoedig naar omstandigheden die er nooit zijn wanneer ze moeten.

De vrouwelijke, op dunne hakken, spoeden zich over droge straatplaveien terwijl ze een aangenaam hortend, uitdagend soort instabiliteit ten gehore brengen. Alsof de hiel aan de straten blijft haperen waarna de andere voet direct hetzelfde gaat doen, ofschoon er nooit gevallen wordt. De hapering is namelijk vormelijk en seksueel geladen.

De stijl, de wensen en de verwachtingen manifesteren zich in een tussenstap die kort en afgemeten de straten vrijpostig overmeestert, die van god noch gebod weet, niet te temmen is en de goede dosering tussen geven en nemen nooit zal vinden.

 

 

Rolmodellen

planortVorige zondag kocht ik een standaardwerk over Abraham Ortelius, Antwerps kaartenmaker, kunsthandelaar, uitvinder van de atlas zoals wij die kennen en vriend van Pieter Bruegel. Komende vrijdag ga ik naar het Museum Plantijn-Moretus, waar studenten van het Instituut voor Typografie een verhaal van me zullen vormgeven op papier. Ortelius en Plantijn, twee liefhebbers van boeken en kunst, twee rolmodellen, wier portretten tegenover mijn bureau hangen. De kaleidoscoop van het leven levert deze week een mooie samenhang op.

Ogen

eyes

Het valt me nu pas op: beide boeken heb ik de afgelopen weken in Brussel gekocht, uit de handen van de schrijfsters, en beide hebben het woord Ogen in de titel. Het ene gaat over vriendschap, het andere over liefde, wat, volgens sommige filosofen, twee verschijningsvormen zijn van hetzelfde gevoel. Ik heb weer heel wat moois te lezen.

H. MacEwan, Through Belgian Eyes. Charlotte Brontë’s Troubled Brussels Legacy, Sussex Academic Press, Eastbourne, 2017.

T. L. Meganck, Erudite Eyes. Friendship, Art and Erudition in the Network of Abraham Ortelius (1527-1598), Brill, Leiden-Boston, 2017.

Kerstkaart

NellyDegouy-2
Marie Gevers, En zie, de sterre bleef staan. Illustratie van Nelly Degouy

Ik heb slechts één kerstkaart op tijd verstuurd. Vorige week schreef ik voor Rekto:Verso een brief aan het Kerstekind. En ook aan de dichter Joseph Brodsky, in een moeite door.

“Beste Kerstekind, binnen enkele dagen herdenken we opnieuw je verjaardag. Ik heb het nooit anders geweten. Aan de hand van mijn ene grootmoeder wandelde ik naar het nabije stadje om de kerstversiering en kerstverlichting te zien. Mijn grootvader, een ecoloog avant la lettre, spitte de kleine den uit de tuin om hem binnen in een pot neer te zetten en ik mocht helpen met het versieren, sneed mijn vingers aan engelenhaar, hing als laatste de glazen bal in een vorm van een huisje aan een gepaste tak. Bij mijn andere grootmoeder hingen er zilveren ballen en draden in de boom en bevatten de pakjes telkens een pyjama, peignoir of handdoek met initiaal.

Intussen heb ik deze week alweer twee kerstbomen gedecoreerd en is de jacht op hopelijk passende geschenken voor mijn dierbaren nog open. Tien jaar geleden kocht mijn vader een wassen Christuskind op de antiekmarkt en omdat de handjes beschadigd zijn, reed ik onlangs naar de enige mensen die bij mijn weten wassen beelden herstellen: de Clarissen van Turnhout. Een stokoude zuster ontving me op die ijzige dag. Ik zag haar blote voeten in sandalen en huiverde plaatsvervangend.”

Mooie Kerstdagen, dierbare lezers!