Bruna

bruna1

Nijntje aan zee. (Miffa clamat: vado tecum…) Mijn enige boek over de kleine heldin. Maar niet mijn enige boek met illustraties van Dick Bruna. Bij een zomerse picknick hoort al gauw een gezellige pocket over inspecteur Maigret, met een Bruniaanse omslag vol felle kleuren.

bruna2

Nina

Fotografe Nina Leen heeft me nog nooit teleurgesteld en de ontdekking van een reeks foto’s over kindermode draagt bij tot de vreugde. De reeks verscheen in het tijdschrift Life, aan het eind van de jaren 1950 of begin jaren 1960. Kinderen als volwassenen met hun eigen wagenpark, wat een charmant idee.

(Een blauwe Ford Thunderbird uit 1955 en 2 J 40 Austins, verneem ik van de expert.)

childrens-fashions-nina-leen-life-magazine-2

Lompen

Met griep op de sofa. Een goede gelegenheid om gedichten te herlezen die ik leerde kennen op de Boekenbeurs. Vlijmscherpe gedichten.

“Een zwarte doos vouwen
in de open economie
van Nederland, zonder doorstroming
op de woningmarkt, zonder opdrachten
of gemeenschap
en erin kruipen, niets doen.
In Zuid-Frankrijk propte ik me vol
terwijl ik Zwaartekracht en genade
van Simone Weil las
die zichzelf verhongerde
om dichter bij de arbeiders te kunnen zijn.
Zelf was ik toen al opgegeten
door het netwerk.
In de lompen van de freelancer
en met de eigenschappen die ik nog overhad
(rottend, nauwelijks vermarktbaar)
probeerde ik in gesprek te gaan met Simone Weil
en haar te volgen door de nacht.
Maar het gesprek bloedde dood
en ik stroomde door, geloofde in mijzelf.”

Frank Keizer, Onder normale omstandigheden. Gedichten, Polis, Antwerpen, 2016.

De commentator

bildschirmfoto-2012-09-11-um-15-813673-png-1309619
Hans Joachim Störig, 1915-2012

“Averroës werd in Europa de Commentator genoemd omdat hij uitvoeriger dan wie ook Aristoteles becommentarieerd heeft. Meer nog, het is door de vertaling van zijn commentaren dat Aristoteles in Europa werd geïntroduceerd.”

Dit las ik vanmorgen in een opiniestuk in de de krant en het herinnerde me aan mijn lessen filosofie, waarin de rol van de Arabische filosofen Avicenna en Averroës steeds werd geprezen. Het is echter ook weer niet zo dat de figuur en de geschriften van Aristoteles volslagen onbekend waren in het westen voordat Averroës de Commentator in de twaalfde eeuw ten tonele verscheen. De ideeën van Aristoteles bleven bewaard in verzamelwerken als die van Boëthius en men kende kleinere logische geschriften van zijn hand. De oudst bewaarde manuscripten van de antieke wijsbegeerte bevonden zich echter in het oosten en die waren door de islamitische veroveringen lange tijd moeilijk toegankelijk.

Ik grijp terug naar het standaardwerkje dat ons indertijd is aangeraden en lees met plezier de waardige volzinnen van Hans Joachim Störig. “Voor het geestelijk leven [in het islamitische rijk] was een van de belangrijkste elementen, ja het belangrijkste naast de mohammedaanse godsdienst, de oude Griekse wetenschap en filosofie. De kennis daarvan verbreidde zich van de 8e eeuw af door vertalingen en commentaren van islamitische geleerden en ook van christenen uit het oosten, die onder de Arabische heerschappij leefden, spoedig over de gehele Arabische wereld, en en daarnaast overigens op gelijke wijze ook de kennis der Indische geestesbeschaving.”

Ik beschouw het als een van de kleine wonderen van het internet dat ik vandaag voor het eerst een afbeelding van Hans Joachim Störig kan zien.

K. Debeuf, De grootvader van de verlichting, De Standaard, 2/2/2017, p. 38.

Hans Joachim Störig, Geschiedenis van de filosofie 1, Utrecht-Antwerpen, 1972, p. 235.

De Leuvense kathedraal

 

clerkenwell

“Pas in de laatste jaren is de band tussen [de geheime genootschappen] Dominus en de Voorbestemden ontdekt. Meer dan vijf eeuwen lang beschreven historici de activiteiten van de Voorbestemden als een korte, zij het unieke, episode in de anticlericale actie van die tijd. In 1927 is echter een brief van William Exmewe ontdekt in een bundel kerkelijke documenten in de bibliotheek van de Kathedraal van Leuven. De brief was geschreven in Avignon en heeft vermoedelijk nooit zijn bestemmeling bereikt. Die wordt eenvoudig aangesproken als ‘Geliefde Vader in Christus’. In deze brief geeft Exmewe zijn  connectie met de Voorbestemden toe, en stelt hij dat ‘Dominus me festinavit’ – wat zowel kan betekenen dat Dominus (de organisatie) of Dominus (de Heer) mij voortdreef. Maar Exmewe geeft dan een lijst van alle leden van Dominus vóór de kroning van Henry Bolingbroke, en de namen van de Voorbestemden. Zonder die brief had dit boek niet geschreven kunnen worden.”

Peter Ackroyd houdt van romans over geheime genootschappen. Ik genoot van zijn boek The Clerkenwell Tales, knap gesitueerd in het Londen van 1399. En ik wilde net een en ander gaan opzoeken over de Voorbestemden en Dominus en die publicatie uit 1927, toen ik bedacht dat er in Leuven nooit een kathedraal is geweest. Het spel is uit!