Afgeleefde muze

Embed from Getty Images

 

“Zij betrad de armelijke schuilplaats van zijn afgeleefde muze, waar het rook naar beschimmelde boeken. Op de gepleisterde muren waren vochtige plekken. De gebroken ruiten van de bevroren vensters waren vervangen door lappen. Op een scheve, met inkt bemorste schrijftafel lagen ganzenpennen en  flarden papier, waarop wellicht de eerste ontwerpen voor gedichten stonden.”

Een mooi boek, die historische roman van Dmitri Merezjkovski over Leonardo da Vinci. Zoals wel meer romans van dichters is het voornamelijk een opeenvolging van glasheldere tableaux vivants, geschraagd door een diep filosofisch idee. En berustend op uitmuntende historische studie en inlevingsvermogen. Merezjkovsi’s  beschrijving van de Milanese hofdichter Bernardo Bellincioni vond vandaag weerklank bij me.

Niet te geloven dat deze roman uit het jaar 1900 stamt. En het tweede deel is van een trilogie. Was ik uitgever, ik zou niet aarzelen.

Paradogma

amvkparadogma

Vanavond opent in het MHKA de retrospectieve met werk van Anne-Mie Van Kerckhoven, AMVK.

In haar boek Paradogma uit 1993 lees ik dit mooie fragment:

Het is me een waar genoegen 2 soorten stappen bij mezelf te kunnen ontwaren: een vrouwelijke en een mannelijke.

De mannelijke op de trap: traag maar zeker, vrij, eenzaam, gedreven, bedwongen energie, gelaten en weemoedig naar omstandigheden die er nooit zijn wanneer ze moeten.

De vrouwelijke, op dunne hakken, spoeden zich over droge straatplaveien terwijl ze een aangenaam hortend, uitdagend soort instabiliteit ten gehore brengen. Alsof de hiel aan de straten blijft haperen waarna de andere voet direct hetzelfde gaat doen, ofschoon er nooit gevallen wordt. De hapering is namelijk vormelijk en seksueel geladen.

De stijl, de wensen en de verwachtingen manifesteren zich in een tussenstap die kort en afgemeten de straten vrijpostig overmeestert, die van god noch gebod weet, niet te temmen is en de goede dosering tussen geven en nemen nooit zal vinden.

 

 

Rolmodellen

planortVorige zondag kocht ik een standaardwerk over Abraham Ortelius, Antwerps kaartenmaker, kunsthandelaar, uitvinder van de atlas zoals wij die kennen en vriend van Pieter Bruegel. Komende vrijdag ga ik naar het Museum Plantijn-Moretus, waar studenten van het Instituut voor Typografie een verhaal van me zullen vormgeven op papier. Ortelius en Plantijn, twee liefhebbers van boeken en kunst, twee rolmodellen, wier portretten tegenover mijn bureau hangen. De kaleidoscoop van het leven levert deze week een mooie samenhang op.

Ogen

eyes

Het valt me nu pas op: beide boeken heb ik de afgelopen weken in Brussel gekocht, uit de handen van de schrijfsters, en beide hebben het woord Ogen in de titel. Het ene gaat over vriendschap, het andere over liefde, wat, volgens sommige filosofen, twee verschijningsvormen zijn van hetzelfde gevoel. Ik heb weer heel wat moois te lezen.

H. MacEwan, Through Belgian Eyes. Charlotte Brontë’s Troubled Brussels Legacy, Sussex Academic Press, Eastbourne, 2017.

T. L. Meganck, Erudite Eyes. Friendship, Art and Erudition in the Network of Abraham Ortelius (1527-1598), Brill, Leiden-Boston, 2017.