Niet op weg naar Van Eyck

320px-Annunciation_-_Jan_van_Eyck_-_1434_-_NG_Wash_DC
Jan Van Eyck, Annunciatie, National Gallery of Art, Washington, D.C.

Ik had een ticket besteld voor Van Eyck. Een optische revolutie, maar de tentoonstelling is helaas gesloten. Gelukkig zag ik dit werk al eerder, op een expo in Rotterdam. Jan van Eyck schilderde het paneel waarschijnlijk in opdracht van onze Bourgondische hertog Filips de Goede. Dat blauw! Dat glasraam op de achtergrond! De manier waarop Van Eyck Romaanse muurschilderingen nabootst naast het glasraam! Die vleugels, die kroon, die herautenstaf, die saffieren, die parels! Maar het verbluffendste blijft voor mij de blije lach van die engel. Ik die dacht dat bij van Eyck iedereen altijd zen, sereen, kalm en onbewogen was.

Het beste boek van 1572

DSC_0458Tijdschriften zijn een luxe. Niets aangenamers dan wegzinken in mooie beelden en de wereld even vergeten. In het Eos-nummer gewijd aan Jan van Eyck stuitte ik dan ook nog eens op reclame voor het beste boek van 1572, nu eenvoudig te bestellen bij uw favoriete boekhandel.

Eigen

DSC_0863

Eigen weg. Daar zijn we intussen wel op aangewezen. Mijn trouwe boeken lijken me opeens nog dierbaarder. Het rek was oorspronkelijk voorbehouden voor de zeventiende en achttiende eeuw, met uitlopers naar de negentiende. Zeventiende eeuw: een boek over de wereld in het jaar 1688, en een boek over Agnes Block, een schatrijke nicht van Vondel en de eerste vrouw in Nederland die erin slaagde om in haar serre ananassen te kweken. Het boek van Eddy Put, Stoet van grote en kleine levens, gaat wel over Leuven in 1594, maar kom, de sfeer is dan al zeventiende-eeuws. Vervolgens Le Roy Ladurie over Saint-Simon, Nancy Mitford over Lodewijk XIV (een vermakelijke gids voor wanneer ik, al lezend in mijn Saint-Simon, niet meer weet wie wie is). Levensbeschrijvingen van Marie-Antoinette, door Antonia Fraser, en haar couturière Rose Bertin, door Emile Langlade. Onze Henegouwse prins de Ligne, uiteraard. Henriette d’ Angeville, de eerste vrouw die de Mont Blanc beklom, in 1838. Marie Cornélie van Wassenaer Obdam, een ongelukkige Hollandse hofdame in 1824. Marx in Brussel en Het pauperparadijs, achtergrondinformatie voor mijn roman Almanak. Veeleer toevallig op dat rek verzeild, maar nog in een zekere chronologische volgorde.

Herman Pleijs  Dromen van Cocagne, door mij beschouwd als een boek dat hoort bij Bruegel en de zestiende eeuw, is er wegens plaatsgebrek bijgezet.

Podcast

Bruegelwenen2

Uit in Vlaanderen maakte een lijstje van 7 mooie podcasts over geschiedenis. Nu we allemaal thuis zitten, kan rustig luisteren prettig zijn. Het doet me veel plezier dat de podcasts die Sara Debroey met me maakte over Bruegel, erbij staan!

Quarantaine

default
Hotel Arno, Tampa, Florida (foto Burgert Brothers) Courtesy, Tampa-Hillsborough County Public Library System

Afzondering en vergrendeling zijn goede voorwaarden om te schrijven. Gek genoeg zijn ook de personages van mijn nieuwe boek lang geleden in quarantaine gegaan. Albert Van Schelle, hoofd van het Belgische Rode Kruis, en Annie Fowler, verpleegster uit Illinois, leerden elkaar kennen in Santiago de Cuba tijdens de Spaans-Amerikaanse oorlog van 1898. Toen ze terugkeerden naar het Amerikaanse vasteland, moesten ze een week quarantaine ondergaan in Egmont Key, want op Cuba woedde gele koorts. Daarna logeerden ze enkele dagen in het Arno Hotel in Tampa, Florida. Op dat balkon hebben ze ongetwijfeld over de stad uitgekeken. Vervolgens reisden ze naar Chicago, waar Albert Van Schelle Dr. Fowler om de hand van zijn dochter verzocht…