Voor mei

mei2017Met oude punaises, nieuwe slingers, trapladder en hamer maakten we Martials kapel klaar voor mei. De ijzige noordwester rukte intussen al een slinger los. Een vriendelijke voorbijganger of buur bevestigde hem deels opnieuw. (Zie het stuk in de heg.) Meiklokjes zijn er al, op de meidoorn is het nog wachten.

Nationale feestdag

graf_van_schelle

De nationale feestdag vierde ik voor het eerst in Brussel toen Filip koning der Belgen werd. Dit jaar leek de gelegenheid ideaal om bloemen neer te leggen op het graf van Martial Van Schelle, in maart 1943 als politieke gevangene vermoord in het concentratiekamp Breendonk. Het was stil op de begraafplaats Tir National, achter de gebouwen van de publieke omroep. Geen vlag, geen andere bezoekers, zelfs geen hovenier, alleen een vrouw die haar hond uitliet. Het rook er wel naar de rozen die nobele onbekenden op het merendeel van de graven hebben aangeplant. En wat denk je dan, bij het graf van iemand die je nooit persoonlijk hebt gekend en die je toch heeft beïnvloed? Ik stelde vast dat ik Martial Van Schelle bedankte: voor de verhalen, de zwier, de avonturen en het geluk dat hij met zijn geboortehuis in mijn leven brengt.

Van Schelle (l.) en Quersin, Warschau, 1934
Van Schelle (l.) en Quersin, Warschau, 1934

Bezoek

mei2015Hoog bezoek in de Martial Van Schelledreef. Eens om de vijf jaar. Met bloeiende meidoorn en zegenende woorden voor mens en dier en akker. Plus een (in deze landbouwstreek) verrassende liturgische tekst over natuurvervuiling en roofbouw op de aarde.

mei20152

Match

pin2

Als zoon van een Belgische vader en een Amerikaanse moeder zou Martial Van Schelle (1899-1943) ongetwijfeld genoten hebben van de match vanavond. Hij bekostigde tenslotte ook de uitrusting van de voetbalploeg van zijn geliefde dorp Wortel. En ik speld vandaag te zijner ere het bijpassende embleem op mijn revers.

Martialis

Van Schelle en Quersin, Warschau, 1934
Van Schelle en Quersin, Warschau, 1934

Ik heb me vaak afgevraagd waarom de ouders van Martial Van Schelle in 1899 de naam Martial uitkozen voor hun enig kind. Misschien vonden ze het gewoon een welluidende, flinke jongensnaam? Mijn agenda leert me dat vandaag in Frankrijk de vroegchristelijke heilige Martial van Limoges herdacht wordt. Deze Martial zou als martelaar gestorven zijn onder het bewind van keizer Decius. En wat is dan eigenlijk het verschil, zo vraag ik me plotseling af, als martelaar sterven onder keizer Decius of als politieke gevangene in Breendonk onder Hitler? (De verschillen zijn interessant, dat zijn ze altijd.)

De naam Martial komt van Martialis, “toegewijd aan Mars”, de god van de oorlog. Een wat vreemde naam voor een christen uit de tweede/derde eeuw. In het geval van Martial Van Schelle zou men bijna aan voortekenen gaan denken: op zijn achttiende was hij als Amerikaans soldaat veteraan van de Eerste Wereldoorlog, en zijn verzetsactiviteiten in de Tweede Wereldoorlog kostten hem het leven.

 

Entrepreneur in Packard te Brussel

Advertentie voor Packard 1935
Advertentie voor Packard 1935

In 1973 speelde Fud Candrix op Jazz Middelheim. In een interview vertelde hij: “Dat ik orkestleider ben geworden heb ik eigenlijk te danken aan een van Brussels kleurrijkste figuren, de Olympische zwemkampioen Martial Van Schelle. De man, die in de tweede wereldoorlog als spion door de Duitsers zou gefusilleerd worden, reed in die tijd door Brussel in een grote open Packard die hij had meegebracht na een van zijn vele reizen door Amerika. Zijn grote liefde voor de Verenigde Staten ging gepaard met een even grote liefde voor jazz. Hij had te Brussel een grote sportwinkel en toen ik daar op een mei-dag van 1935 voorbijliep, riep Martial mij binnen.
– Legerdienst gedaan? Wat doe je nu?
– Voorlopig niets.
– Ik open volgende week in Oostende een nieuwe danszaal, met bad, het “Lac aux Dames”. Tracht tegen die tijd een orkest bij elkaar te krijgen van tien man…
Het orkest werd gekleed in witte tuxedo’s, het werd “Orchestre Blanc” genoemd en het werd een groot succes. De zomermaanden speelde het te Oostende, de wintermaanden in “L’Heure Bleue” te Brussel.”

Dit puzzelstukje aangaande Martial Van Schelle drukte me vandaag opnieuw met de neus op de feiten: indien hij niet op zijn drieënveertigste vermoord was door de nazi’s in Breendonk, had hij een van de grote naoorlogse Belgische zakenmannen kunnen worden. En een ware mecenas.

(Met dank aan David Deroy)