Carbonpapier

guy_vaes___desguinlei__1959-60_collectie_fomu
Guy Vaes, Desguinlei, 1959-1960, Fomu Antwerpen

Bart Vonck vertaalde de verzamelde gedichten van Guy Vaes en ontsloot een prachtig oeuvre voor de Nederlandstalige lezer. Ik verheug me er op om Vaes’ poëzie te ontdekken, maar nu lees ik voort in zijn roman Octobre Long Dimanche (ja, een van de mooiste romantitels die ik ken).

“Men zou haast geloven dat het nachtelijk blauw de eigenschappen had van een vel carbonpapier: tussen zijn dagen geschoven reproduceerde het zijn bezigheden op kantoor, zijn wandelingen met Jessica en de woorden die ze spraken. Ja, zelfs hun wandeling terug die nu ontwaakte in zijn geheugen, met haar vereenvoudigde straten, het gefluister van gas en neon, haar verwarde geritsel van boomkruinen…”

(Op de voorstelling van de Verzamelde gedichten leerde ik tot mijn vreugde dat Vaes al eerder in het Nederlands te lezen was. Edith Klapwijk vertaalde in 1988 Octobre long dimanche  als Eindeloze zondag in oktober  voor de Knipscheer.)

vaes-verzameldegedichten-264x405

Guy Vaes, Poésie complète. Verzamelde gedichten, bezorgd, vertaald en van aantekeningen en een nawoord voorzien door Bart Vonck, Uitgeverij P/Le Cormier, 2016.

Op zoek naar Utopia

Het is lang geleden dat ik zo’n mooie tentoonstelling zag als ‘Op zoek naar Utopia’ in het Leuvense museum M. De bezoeker wandelt van meesterwerk naar ontdekking in zalen die subtiel zijn ingericht om alles ademruimte te schenken en tot zijn volle recht te laten komen.

utopia040_tcm39-87361

Dit wandtapijt met de poolster in het centrum is zonder twijfel het mooiste dat ik ooit zag.

7ff7ceebe4a53fbf05be0e88ea65dcad-bh1_bvdm_20140625_026

De sprookjesachtige details van de besloten hofjes maakten me zo  blij als een kind op Sinterklaasavond.

jan-gossaert_portret-van-een-jonge-prinses-met-armillarium

En dat de hele expo in het teken staat van een meisje met het universum in haar hand, tja, dat is simpelweg niet te verbeteren. (Jan Gossaert, Portret van een prinses met een armillairsfeer).

Kempen-Atlas

800px-ortelius_belgii_veteris_1594
Ortelius, België in de Oudheid, 1594

Kaartenmaker Abraham Ortelius uit Antwerpen, een vriend van Pieter Bruegel, is een van mijn persoonlijke helden. Ik houd zijn voorbeeld dan ook voor ogen nu ik meewerk aan een nieuw naslagwerk over de Kempen, de Kempen-Atlas. Op dinsdag 15 november wordt in de Hoge Rielen (Molenstraat 62) te Kasterlee een tipje van de sluier opgelicht over deze veelbelovende publicatie. Alle geïnteresseerden zijn hartelijk welkom voor een avond met interviews en een hapje en een drankje, vanaf 19 u. De toegang is gratis en u kunt zich inschrijven via de website van AR-TUR.

(Duizendste bericht.)

Boekenbeurs

20161104_135857

Jo Govaerts signeert haar biografie van Jan Yoors (kunstenaar met een zigeunerhart) op de Boekenbeurs.

20161104_141225

Een vrijdagmiddag in het gezelschap van de filosofen Tinneke Beeckman en Alexander Roose en de dichter Frank Keizer….

20161105_154637

en een zaterdag met Vrouwkje Tuinman en Isabelle Rossaert, schrijfsters van opvallend mooie romans. Welbestede uren aan de stand van Polis.

OKV

okv2

Een plezierige herinnering: Bruegel signeren onder de altijd sprankelende blik van Clara-Serena Rubens. Voor de lezers van Openbaar Kunstbezit in Vlaanderen. Groene hoed afgezet, mouwen opgestroopt, Bic in de aanslag, kopje koffie erbij. In het verrassend mooie Augustijnenklooster van Gent.

okv1

De vrede-mens in het jaar 3000

vrede-mensch

Alles aan dit boek is verbijsterend. De schrijver draagt dezelfde naam als mijn overgrootvader en vader, maar behoort niet tot de familie. Theo Huet zou in 1927 de eerste Vlaamse detectiveroman hebben geschreven. Hij ontpopte zich tot collega van John Flanders. En in 1933 waagde hij zich aan science-fiction, met een parabel over een Antwerpse wetenschapper in het jaar 3000.

“Walter Kroes ontstak een nicotine-vrije sigaret. Sinds lang was door een verordening van de Europeesche Republiek het verwerken van ongezuiverde tabak verboden geworden.”

Walter Kroes skypet met zijn collega’s, spreekt  Esperanto, “de officieele voertaal in de Europeesche arbeidersrepubliek”, en bewondert het uitzicht over Antwerpen. “In het jaar 2788 was de beslissing gevallen om van Oud Antwerpen een moderne stad te maken. Een zwerm van duizend gespecialiseerde arbeiders streek neer op de Scheldestad neer om met den afbraak van oude en enge straten te beginnen. Aan de Noorderkant togen de slopers aan het werk om alles met den grond gelijk te maken. Zowel op den rechter als op den linkeroever werd het werk tegelijk aangevat. Zienderoogen verrees een nieuwe stad. Volgens het door het Komiteit van Stedenbouw bekroonde Douwestype, naar den befaamden Amsterdamschen bouwkundige, werden naar den stroom loopende 150 meter brede straten getrokken. Iedere straat vormde slechts één ontzaggelijken wolkenkrabber van 32 verdiepingen. Op afstanden van 200 meter werden doorgangen aangebracht om het autoverkeer te vergemakkelijken. In het midden van den breeden straatweg liep een met bomen beplantte laan voor voetgangers. De gevaren voor de voetgangers werden tot een minimum uitgeschakeld. Het oversteken van den rijweg was streng verboden. Onder de tunnels voor voetgangers liepen in alle richtingen de trams. […]

De breede glazen daken van de enorme complexen bleven voorbehouden voor het in den loop der eeuwen zoo sterk toegenomen luchtvaartverkeer. Bij het invallen der duisternis werden de 104 meter hooge glazen straten diffuus verlicht zoodat het nachtvliegen al even veilig was.

Behalve Antwerpens ontmantelden toren, die men van onder tot boven gerestaureerd had, was er geen enkel spoor van gebouwen uit het oude Antwerpen overgebleven. Het behoorde tot het verleden dat om het geliefhebber van een groep folkloristen en oudheidsminnaars krotwoningen, enge straten en scheefgezakte gebouwen bewaard bleven… enkel omdat ze oud waren.”

Dat belooft. En we zitten nog maar in hoofdstuk 1.

Theo Huet, De vrede-mensch in ’t jaar 3000! Toekomstroman, met voorwoord van den heer Jos Van Limbergen, Astronoom. Lid der astronomische genootschappen van Parijs en Potsdam, Uitgave De Techniek, Antwerpen, [1933].

Sint-Paulusstraat

Mooi, om in het Letterenhuis van Antwerpen een paar magnifieke gravures van Elskamp terug te zien; weer eens naar zijn borstbeeld te kijken zoals eertijds in zijn Volkskundemuseum. En terecht, al die belangstelling voor de Franstalige schrijvers van de Schelde: Verhaeren, Elskamp, Eekhoud. Escaut!, Escaut!, stap er eens binnen. Ik zag er tot mijn blije verwondering ook deze foto van mijn Elskamppocketje.

elskamp
Foto Nicolas Maeterlinck, in de expo Escaut!, Escaut!