Monello & Jeanne

kippenMijn vader kon de eenzaamheid van de aangewaaide haan niet langer aanzien en kocht een kip. “Nu maar hopen dat het liefde op het eerste gezicht is. Als ze maar niet denkt: Ja maar gij niet, hé vriend…” – “Ik denk dat kippen zoiets minder rap denken dan vrouwen,” opperde ik.

En inderdaad. Sinds kort eet ik alle dagen een eitje. Dankzij Jeanne, de elegante kip die zo heerlijk als een kip zonder kop kan rondhollen.

Omslag

Pieter BruegelEen gesprek in Interne Keuken maakt het ook voor mij tastbaarder. De dag nadert dat ik het echte boek in mijn handen zal kunnen houden. Op 27 mei, zo belooft de uitgeverij, zal het in de winkels liggen. Net als Rubens en Rockox gehuld in een grafische cover, ontworpen door Dooreman. Met dat mooie blauw als bonus. Denkt u dat Bruegel hier een zelfportret maakte? Ha, dan biedt de tekst een verrassing.

Hanae Mori

Soms wil je gewoon naar mooie jurken kijken. Ik geef toe, het is een bezigheid die ik niet snel beu word. En Hanae Mori is bij ons misschien te weinig bekend. Een heerlijk ontwerp van omstreeks de tijd dat mijn moeder me ter wereld bracht. Zelfs nog te koop, hier, bij Shrimpton Couture, een filiaal van de hemel.

Omnibus

Posy Simmonds, Mrs Weber's Diary
Posy Simmonds, Mrs Weber’s Diary (Klik om de afbeelding te vergroten)

Posy Simmonds’ Mrs Weber’s Omnibus lonkte me toe vanop een hoge plank in de stripwinkel en ik zeulde de turf tevreden naar huis. Honderden bladzijden lees- en kijkgenot, dat wist ik wel zeker. Zelfs de schutbladen oogden perfect: ik genoot van Simmonds’ eigen versie van het toile de Jouy-motief, twee decennia geleden zo populair als interieurstof in de betere kringen. Mrs Weber’s Omnibus bevat de tekeningen die Posy Simmonds maakte voor bladen als The Guardian en The Spectator. We maken kennis met Mrs Weber in januari 1978 en we kunnen haar volgen tot aan het begin van de jaren ‘90. Wendy Weber is een schrijfster van kinderboeken, moeder van zes en getrouwd met George, een docent Postmodernica aan een hogeschool. Serieuze linkse mensen vol goede bedoelingen en met een kleerkast vol hippie-achtige plunjes; wat wij hier misschien echte selders zouden noemen, zoals je er in Leuven elke dag minstens vijftig op een bakfiets ziet ploeteren. Welnu, soepgroente of geen soepgroente, ik ben van Mrs Weber gaan houden. Ze probeert haar dochters feministisch op te voeden, glimlacht vriendelijk naar alle zwakkere medeburgers in haar straat en kiest waar mogelijk voor organische maaltijden, vol voedzame linzen en authentieke streekproducten. Uiteraard stuurt ze haar kroost niet naar dure privé-scholen, maar verdedigt ze de stelling dat de middenklasse moet investeren in het staatsonderwijs om de kwaliteit ervan voor iedereen op te drijven. Wanneer een van haar dochters echter faalt voor een vak, bekostigt ze tot jolijt van haar minder linkse vriendinnen wel een pas afgestudeerde wiskundige om bijles te geven. A private tutor, inderdaad. Ondanks die bijlessen wil haar sexy oudste niet voortstuderen maar meteen een bedrijfje opstarten en trouwen in een lange witte jurk in een kerk, weggegeven door haar vader (“Het is de schuld van prinses Diana. Zij heeft de jeugd echt een verschrikkelijk voorbeeld gegeven”).

Voor de onvolprezen Stripgids beleed ik opnieuw mijn liefde voor de geniale Posy Simmonds. Lees het hele verhaal in het volgende nummer!

Belvedere

Uitzicht op de Sint-Jacobskerk, Gent
Uitzicht op de Sint-Jacobskerk, Gent

Elk voordeel heeft zijn nadeel. Na een paar uur werken in het belvedere vraag ik me al af hoe men zonder belvedere kan leven. In de vier windrichtingen uitzicht over Gent, allemaal dankzij de gulheid van bouwmeester David ‘T Kindt, die in de jaren 1740 een middeleeuws steen verving door een gracieus stadspaleis, met als kers op de taart een unieke uitkijkpost op het dak. Nu is het belvedere het schrijversverblijf van de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde.

“Op het opperste des gebouws, onder den zonnewijzer, is een uitkijk op geheel de stad. Men ziet er tot aan de Brugsche poort, Oostakker, Ledeberg, Sint-Pieters-buiten en Gentbrugge,” aldus historicus Frans de Potter in Het Belfort van 1892.

Uitzicht op Sint-Baafskathedraal en het Belfort, Gent
Uitzicht op Sint-Baafskathedraal en het Belfort, Gent

Gloeikoppers

Toen ik het gloeikopperskampement bezocht, was ik slechts op zoek naar het getuf van de eencilinders, de zwarte dampen, de antieke woonwagens en de tent waar je verse eieren met spek kunt eten. Ik had niet verwacht dat iets me zou herinneren aan de Hooiwagen van Jheronimus Bosch. Levend erfgoed!

Les Pélissiers

Les pélissiers

Ik neem de liefdesbrieven van mijn betovergrootvader Leopold weer eens ter hand en lees dat hij op een zondag in mei 1867 Binche bezocht om de finale van het kaatstornooi te zien. “Ik kon niet anders dan door de straat wandelen waar jij hebt gewoond, teveel gelukkige herinneringen leidden me daarheen. Het huis is nog hetzelfde, ik weet niet wie er nu woont. Ik heb verschillende mooie stukken horen spelen door de befaamde Pélissiers, ze hebben niets van hun roem ingeboet.”

Dan doet het me toch wat, via het internet vast te stellen dat de koninklijke fanfare Les Pélissiers nog steeds bestaat (sinds 1852) en online zelfs even te beluisteren is.

Gedenk

memlingTja, we wandelden hier voorbij. Hans Memling lag vlak bij ons hotel begraven. Heeft hij nog nazaten, denk ik dan, en als die nazaten bestaan, zijn ze dan blij met de schilderijen van hun voorvader? Ik zou het wel zijn. Maar het mooie is, ik ben nu ook blij om de schilderijen van Memling, daar heb ik zijn DNA niet voor nodig.

Hotel du Lac

Als student kocht ik de roman Hotel du Lac van Anita Brookner, omdat ik wel eens wilde zien hoe dat in zijn werk gaat, wanneer een kunsthistorica een roman schrijft.
Nu de schrijfster overleden is, herlees ik haar en stuit na reeksen briljante zinnen op een echt meesterstukje.

‘Ik wil graag een kop koffie,’ zei ze, met nietzscheaanse directheid, naar ze hoopte.

En leest u in al die grafschriften dat haar romans over eenzame vrouwen van middelbare leeftijd gaan? Er valt ontzettend veel meer te beleven. Ik heb het gevoel dat ik de twintigste-eeuwse Jane Austen leer kennen.