Vandaag hoorde ik voor het eerst het loflied dat Kempens chansonnier Guido Belcanto wijdde aan Zondereigen. Ik bewonderde ook zijn schoeisel. (De glasramen van de kerk in het filmpje zijn ofwel door mijn oudoom Jan Huet, mijn oom Raph Huet of mijn neef David Huet gemaakt, dat moet ik nog eens navragen.)
Huisje
Deze boom is pas echt voltooid wanneer het huisje erin hangt, een kerstbal die van mijn grootmoeder was. Aan haar hand wandelde ik ’s avonds in december mee naar Hoogstraten, om er de kerstverlichting te bekijken. En mijn grootvader vertelde over de eerste kerstboom die hij ooit zag: bij de Duitse soldaten die het grootste deel van zijn ouderlijk huis hadden opgeëist tijdens de Eerste Wereldoorlog. Dit langs moederskant. Op de achtergrond een ander familie-en oorlogssouvenir: een aquarel die oudoom Jan Huet maakte van zijn vaders tuin, in de vreselijke winter van 1940.
Verloren dochter
De postbode brengt een pakje. Ik open het en herken verwonderd het omslag. Na jaren en omzwervingen keert een verloren dochter terug naar mijn boekenrek. Een inscriptie leert me dat ik haar kocht bij het ongetwijfeld al lang verdwenen antiquariaat Romain in Gent, op 19 maart 1997. Vorige eeuw. Ik besluit niet over de vreselijke lengte van de tijd te prakkizeren, maar de verloren dochter tussen haar dierbaren te plaatsen. Het oorlogsdagboek, de biografie van Rosalie en Virginie, de biografie van Buysse, Buysses verhalenbundel Kerels en natuurdagboek Zomerleven, de roman Levensleer die tante en neef samen schreven (om beurten een hoofdstuk). Welkom thuis, uitstekende roman.
Kerstmis, herberg

Een mooi simpel kerstverhaal, De Ster van Marie Gevers. De oostenwind waait, het begint te ijzelen in de kerstnacht en een aantal reizigers zoekt beschutting in een herberg. De geruite kinderjurk, de gloeiende Leuvense stoof, de dampende kop koffie.
En zie
Een onverwacht uitstapje naar de Antiquarenbeurs in Mechelen leverde een mooie aanvulling op van mijn verzameling Marie Gevers. Kerstverhalen. Vroeger schreven schrijvers ze moeiteloos, terwijl het mij een lastig genre lijkt. Maar ik lees ze graag. En de illustraties van Nelly Degouy ogen warm en sfeervol.
453, amar es dulçe

Nicolaas Rockox viert zijn vierhonderddrieënvijftigste verjaardag vandaag. Hij werd in 1560 geboren in de Keizerstraat in Antwerpen en verblijft er nog steeds, in woord en gedachten en beelden. Ik hoop straks nog een gebakje te zijner ere te verorberen, maar vermei me alvast met deze mooie damesbladzijde uit zijn album amicorum, bewaard in de woning van zijn beschermeling Rubens.
Nottebohmlezing
Dare I say it, ik heb de prestigieuze Nottebohmzaal van erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience nog nooit betreden. Maar zondag om 11 uur mag ik er een lezing geven over stripheldinnen. Madame Pheip, Susan, Wiske en Sidonia dartelen om me heen, en misschien komen ook een Atheense vazenschilder, de heiligen Harlindis en Renildis en een middeleeuwse Michelangelo aan bod.
Voetnoot vanavond
Peperkoeken Huizeke
Al dertig jaar ken ik het Peperkoeken Huizeke, een betoverend snoepwinkeltje in de Tiensestraat. Nu verandert er iets aan het huurcontract en de uitbater van de winkel stopt er node mee. Ik zie elke dag hoe de winkel leger wordt en lees het bericht aan het venster.
Het ontroert me, dat de weduwnaar samen met zijn echtgenote ondertekent.





