
Een mooi simpel kerstverhaal, De Ster van Marie Gevers. De oostenwind waait, het begint te ijzelen in de kerstnacht en een aantal reizigers zoekt beschutting in een herberg. De geruite kinderjurk, de gloeiende Leuvense stoof, de dampende kop koffie.

Een mooi simpel kerstverhaal, De Ster van Marie Gevers. De oostenwind waait, het begint te ijzelen in de kerstnacht en een aantal reizigers zoekt beschutting in een herberg. De geruite kinderjurk, de gloeiende Leuvense stoof, de dampende kop koffie.
Een onverwacht uitstapje naar de Antiquarenbeurs in Mechelen leverde een mooie aanvulling op van mijn verzameling Marie Gevers. Kerstverhalen. Vroeger schreven schrijvers ze moeiteloos, terwijl het mij een lastig genre lijkt. Maar ik lees ze graag. En de illustraties van Nelly Degouy ogen warm en sfeervol.

Nicolaas Rockox viert zijn vierhonderddrieënvijftigste verjaardag vandaag. Hij werd in 1560 geboren in de Keizerstraat in Antwerpen en verblijft er nog steeds, in woord en gedachten en beelden. Ik hoop straks nog een gebakje te zijner ere te verorberen, maar vermei me alvast met deze mooie damesbladzijde uit zijn album amicorum, bewaard in de woning van zijn beschermeling Rubens.
Dare I say it, ik heb de prestigieuze Nottebohmzaal van erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience nog nooit betreden. Maar zondag om 11 uur mag ik er een lezing geven over stripheldinnen. Madame Pheip, Susan, Wiske en Sidonia dartelen om me heen, en misschien komen ook een Atheense vazenschilder, de heiligen Harlindis en Renildis en een middeleeuwse Michelangelo aan bod.
Al dertig jaar ken ik het Peperkoeken Huizeke, een betoverend snoepwinkeltje in de Tiensestraat. Nu verandert er iets aan het huurcontract en de uitbater van de winkel stopt er node mee. Ik zie elke dag hoe de winkel leger wordt en lees het bericht aan het venster.
Het ontroert me, dat de weduwnaar samen met zijn echtgenote ondertekent.

Gisteren bezocht ik de verrassende tentoonstelling Michiel Coxcie in het Museum M. Een verzameling topstukken die men lang niet meer samen zal zien. Coxcie had de gewoonte om portretten te verwerken in zijn religieuze schilderijen. Zijn schitterende Sint-Johannes de Evangelist leek een man die zo in de Antwerpen van de straat was geplukt. En op dit schilderij vol Italiaanse motieven en heerlijke kinderen ziet u onderaan rechts tussen de twee zittende vrouwen een kleutertje in de schaduw, dat u rechtstreeks aankijkt. Met die ontroerende blik in gedachten wandelde ik huiswaarts.

Aansteker, mok, asbak. Bavarois, macarons. Laurier, maretak, conifeer, lavendel, rode bessen. Kaarsenhouders, krammen, ijzerdraad. Sterke groene thee en sterke zwarte koffie. Gesprekken over Parijs, poederdozen, météorites van Guerlain, het Duftmuseum in Keulen, toile de Jouy, boekenrekken, kerstcadeaus, Ghirlandaio, katten en egels en mussen. Elementen van een namiddag.
Als de hele herfst werd gedistilleerd tot zijn essentie, dan zou dat deze dag kunnen zijn: grijs, nevelig, regen, scharlaken en oker gebladerte in de verte. De tuin inwandelen om mispels te oogsten lijkt plotseling wild romantisch. En er vallen vast heel wat vernuftige vergelijkingen te puren uit deze vruchten, die rijpen door de vorst. De buurmannen maken er confituur mee, ik streef naar chutney.