![]()
Telefoon. Nog meer slecht nieuws? Nee, een zonnestraal breekt door novemberwolken. Dat mag ook al eens. Gul biedt iemand me het volledig werk van Vondel aan, in zeven prachtig geïllustreerde delen, met zelfs – finishing touch – uitvouwbare prenten. Ik trek laarzen aan om de eerste delen te gaan ophalen. O, een taalfestijn voor jaren. En hier, een beschrijving van meisjesgeluk.
Slaapje op dons van witte zwaantjes?
Leckje muskadelle traantjes?
Hou je een ongemeenen stijl?
Leghje in schim van koele boompjes?
Droom je daar geen ander droompjes
Als van suijcker, uit Brezijl?
Zwem je in lachjes, en genughjes?
Leeft uw geest in zoete kluchjes?
Springt uw zieltjen in uw lijf?
Erfje niet als heil, en zegen?
Ben je juist van pas geregen,
Niet te los, noch niet te stijf?
Vondel, Beeckzang aen Katharine, in De Volledige Werken, bezorgd door H.C. Diferee, deel 1, Amersfoort, 1929, p. 486-487.









