La Berma

Sarah Bernhardt
Sarah Bernhardt, “reine de l’attitude, princesse des gestes”

Ik leerde Sarah Bernhardt kennen dankzij Lucky Luke. Later vond ik in een antiquariaat haar autobiografie en las ik over haar in andere bronnen. Die bevestigen vele details van Luke’s avontuur. Morris heeft zich uitstekend gedocumenteerd. Onderweg in de States kocht Sarah inderdaad een walvis, om maar iets te noemen. En de ontdekkingsreis gaat verder. Want Marcel Proust schreef ook over haar, in Op zoek naar de verloren tijd. Daarin heet zij la Berma. “In de zinnen van de moderne dramaturg even goed als in de verzen van Racine wist la Berma weidse beelden van smart, edelmoedigheid en passie op te roepen die haar eigen meesterwerken waren, en waaraan men haar herkende, zoals men een schilder herkent in de portretten die hij maakte naar verschillende modellen.” Proust wijdde vele bladzijden aan la Berma en schreef daarmee een bijzonder ontroerend eerbetoon aan de dramatische kunst.

Over Sarah Bernhardt als heldin bij Lucky Luke, zie de volgende Stripgids.

Zevenhonderd

Claire Bretécher en Theresa van Avila
Claire Bretécher en Theresa van Avila

Mijn favoriete uitspraak in Claire Bretéchers La vie passionnée de Thérèse d’Avila (1980). De heilige vertelt haar wereldse vriendin, tien jaar getrouwd en voor de vijftiende keer zwanger, dat een vrouw in de zestiende eeuw haar verstand moet gebruiken. Wie de Zurbarantentoonstelling in het PSK gaat bezoeken, zal ook plezier beleven aan dit fantastische stripalbum. Ik bespreek het voor mijn column Heldinnen in de volgende Stripgids.

(Mijn zevenhonderdste bericht.)

Nottebohmlezing

foto_ehc_nottebohmzaal_jpgDare I say it, ik heb de prestigieuze Nottebohmzaal van erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience nog nooit betreden. Maar zondag om 11 uur mag ik er een lezing geven over stripheldinnen. Madame Pheip, Susan, Wiske en Sidonia dartelen om me heen, en misschien komen ook een Atheense vazenschilder, de heiligen Harlindis en Renildis en een middeleeuwse Michelangelo aan bod.

Theresa

9782505000549_cg

Mijn ouderwetse agenda herinnert me niet, zoals mijn nieuwerwetse agenda’s jarenlang deden, aan een Hindoefeest of boeddhistisch ritueel, maar aan Europese voorvallen. Vandaar wat volgt.

Wat me nog het meest verbaasde in George Eliots klassieke roman Middlemarch (1871), was de inleiding.
“Who that cares much to know the history of Man, and how the mysterious mixture behaves under varying experiments of Time, has not dwelt, al least briefly, on the Life of Saint-Theresa, has not smiled with some gentleness at the thought of the little girl walking forth one morning hand-in-hand with her still smaller brother, to go and seek martyrdom in the country of the moors? Out they toddled from rugged Avila, wide-eyed and helpless-looking as two fawns, but with human hearts, already beating to a national idea; until domestic reality met them in the shape of uncles, and turned them back from their great resolve. That child-pilgrimage was a fit beginning. Theresa’s passionate, ideal nature demanded an epic life: what were many-volumed romances of chivalry and the social conquests of a brilliant girl to her? Her flame quickly burned up that light fuel; and, fed from within, soared after some illimitable satisfaction, some object which would never justify weariness, which would reconcile self-despair with the rapturous conscience of a life beyond self. She found her epos in the reform of a religious order.
That Spanish woman who lived three hunderd years ago was certainly not the last of her kind. Many Theresas have been born who found for themselves no epic life wherein there was a constant unfolding of far-resonant action; perhaps only a life of mistakes, the offspring of a certain spiritual grandeur ill-matched with the meanness of opportunity.” En dan volgt een roman over zo’n bevlogen en begaafd meisje uit de negentiende eeuw, dat veel had kunnen doen in de wereld, maar uiteindelijk gewoon trouwde en kinderen kreeg en het huishouden regelde.
Het stemt haast vrolijk, dit onverwachte gebeuren. Een protestantse vrouw stelt melancholiek vast dat het katholicisme vrouwen aanzienlijk grotere kansen op maatschappelijke impact en spiritueel leiderschap bood dan de reformatie? Daar hoor je zelden wat over.

Daar komt bij dat Theresa niet alleen zelf een doeltreffende schrijfster was, maar bovendien de onnavolgbare Claire Bretécher heeft geïnspireerd tot hilarische meesterwerkjes. Misschien dan vandaag eens te herlezen.

De laatste vrouw

shelley

Het verraste me: een strip over Mary Shelley in de speciaalzaak. En een over haar man, de ultraromantische dichter Percy Bysshe Shelley. Ik kocht beide delen, ging naar huis, las en werd betoverd. De bedenkster van het monster van Frankenstein als hoofdpersoon! Met als supporting actor mijn geliefde Byron, en natuurlijk ook de wilde tiener Claire Clairmont. De lichte Franse tekenstijl van Daniel Casanave laat de personages recht wedervaren: zijn gracieuze, slimme Mary past bij de weinige portretten die van de schrijfster bewaard bleven. En het scenario van Daniel Vandermeulen getuigt van gedegen kennis van het onderwerp, sprookjesachtig verbeeld.

Ik durf te vermoeden dat Vandermeulen een paar goede biografieën van de Shelleys en Byron heeft gelezen, naast Mary’s dagboeken en haar minder bekende sciencefictionroman The Last Man uit 1826. The Last Man speelt zich af tussen de jaren 2073 en 2100 en gaat over een geheimzinnige epidemie die de mensheid in hoog tempo uitroeit – alsof Mary Shelley de Spaanse griep voorspelde, of iets nog veel ergers. Uiteindelijk blijft slechts één man in leven. Vandermeulen paste het verhaal vernuftig toe op de levens van de Shelleys en hun vriend Lord Byron in de jaren 1814- 1822. Lering én vermaak: je kunt zonder meer van de sfeer en het verhaal genieten, en dan lees je twee leuke strips. Misschien ben je daarna wel zo nieuwsgierig dat je je in de gedichten van Percy en Lord Byron en in Mary’s romans gaat verdiepen, als je je al niet stort op de filosofische werken van Mary’s vader en moeder: de radicale filosoof William Godwin en de filosofe-feministe Mary Wollstonecraft. Want met Mary Shelley klim je vanzelf in een van de boeiendste literaire stambomen van Engeland.

Een fragment uit mijn nieuwe aflevering voor Heldinnen, in november te lezen in Stripgids.

Leonora de ridder

9782207256077_1_75

Toen ik Leonora aantrof op de schappen van Het Besloten Land, waren zowel zij als ik snel verkocht. Een jonkvrouw te paard met een zwaard, op queeste? Waarom komt men dat zo zelden tegen, in deze lichte, bekoorlijke tekenstijl? Het voorplat was zelfs letterlijk gerubriceerd, als een bladzijde uit een middeleeuws handschrift: rode inkt markeerde de initialen van de makers, David B. en Pauline Martin. Van David B. wist ik dat hij beroemd was, van Martin had ik nooit eerder gehoord. Samen leverden ze een magisch mooi boekje af.

Leonora della Civetta is een Italiaanse edelvrouw die te veel ridderromans heeft gelezen. Maar in de vijftiende eeuw is er van de idealen en de praktijk van het ridderwezen niet zo veel meer over. Omdat er geen mannen meer op avontuur vertrekken om de Heilige Graal te vinden – de enige ware uitdaging voor een ridder – besluit Leonora hun taak over te nemen. Ze gaat niet onbesuisd te werk. We maken kennis met haar op het ogenblik dat ze, met haar paard en kat, een kluizenaar bezoekt om hem te raadplegen over haar plannen. Deze oude eremijt beweert dat vrouwen de Graal niet kunnen vinden “om evidente symbolische redenen”. De Graal is immers een vergaarbak en vrouwen zijn dat ook. Vervolgens probeert hij Leonora te kussen. Ze weert hem verontwaardigd af en de lezer wordt ondergedompeld in heerlijk subtiele humor. “Na jaren van versterving en gebed”, zo beweert de kluizenaar, “ben ik op het punt gekomen dat mijn kleinste daad een gebed is. Je wilt niet de liefde met me bedrijven, in orde, dan zal ik bidden, het effect is hetzelfde.” Mooi toch, zo’n typisch argument van sekteleiders in een avonturenstrip (zij het dat de eremijt zich beter, en logischer, gedraagt dan menige sekteleider: want als seks hetzelfde is als bidden, dan is bidden uiteraard even meeslepend als seks). Vele passages in Leonora’s queeste getuigen van deze diepe, maar lichtvoetige mensenkennis. Leonora vindt vervolgens een piepjonge kluizenaar aan de andere kant van de heuvel, die heel wat positiever is ingesteld. En ze vertrekt, op zoek naar een magische fontein waarover ze heeft horen vertellen. Wie van het water drinkt, beleeft meteen iets wonderlijks. Een goed uitgangspunt voor een Graalridder.

Het vervolg kunt u lezen in de nieuwe Stripgids.

Sidonia

Sidonia in 'De briesende bruid'
Sidonia in ‘De briesende bruid’

De Apekermis. Het Eiland Amoras. De Briesende Bruid. Het was prettig om nog eens een dag in het gezelschap van Sidonia door te brengen. Hieronder een stukje uit mijn nieuwe column voor de reeks Heldinnen in Stripgids.

“Als jonge lezer voelde ik me thuis bij Sidonia. Ze mocht dan niet geïnteresseerd zijn in kleding, ze was wel een gedreven binnenhuisarchitecte. In elk album zag haar huis er anders uit, ze had schijnbaar onbeperkte middelen om kamers opnieuw in te richten. Vaste waarden bleven: bloemen op het dressoir, thee en koekjes op de salontafel, voedzame maaltijden aan de eettafel, mooie lakens en dekens op de bedden. Of het nu hypermodern of klassiek was aangekleed, Sidonia’s huis was altijd huiselijk. Later las ik Virginia Woolf, een schrijfster voor wie het vermogen van vrouwen om een warme omgeving te scheppen een grote betekenis had. Mede dankzij Sidonia begreep ik meteen waarover ze het had.
Tante is een gevoelsmens. Slecht nieuws, stress en oorlogsberichten maken haar soms zo nerveus dat ze een zenuwtoeval krijgt. Nu ik zelf al enkele decennia het nieuws volg en de kranten lees, vat ik steeds beter welke pijn ze op die momenten voelt. Gelukkig kunnen Suske en Wiske haar dan helpen, met een warm voetbad en kalmerende woorden. Want zorg is geen eenrichtingsverkeer in dat nieuw samengestelde gezin.”

De rest kunt u lezen in het volgende nummer van Stripgids.