
Uit in Vlaanderen maakte een lijstje van 7 mooie podcasts over geschiedenis. Nu we allemaal thuis zitten, kan rustig luisteren prettig zijn. Het doet me veel plezier dat de podcasts die Sara Debroey met me maakte over Bruegel, erbij staan!

Uit in Vlaanderen maakte een lijstje van 7 mooie podcasts over geschiedenis. Nu we allemaal thuis zitten, kan rustig luisteren prettig zijn. Het doet me veel plezier dat de podcasts die Sara Debroey met me maakte over Bruegel, erbij staan!

Afzondering en vergrendeling zijn goede voorwaarden om te schrijven. Gek genoeg zijn ook de personages van mijn nieuwe boek lang geleden in quarantaine gegaan. Albert Van Schelle, hoofd van het Belgische Rode Kruis, en Annie Fowler, verpleegster uit Illinois, leerden elkaar kennen in Santiago de Cuba tijdens de Spaans-Amerikaanse oorlog van 1898. Toen ze terugkeerden naar het Amerikaanse vasteland, moesten ze een week quarantaine ondergaan in Egmont Key, want op Cuba woedde gele koorts. Daarna logeerden ze enkele dagen in het Arno Hotel in Tampa, Florida. Op dat balkon hebben ze ongetwijfeld over de stad uitgekeken. Vervolgens reisden ze naar Chicago, waar Albert Van Schelle Dr. Fowler om de hand van zijn dochter verzocht…
Ik mis de tulpen, narcissen en keizerskronen in mijn ouders tuin al. Zondag nog gefotografeerd, vandaag bloeien ze waarschijnlijk al wijd open.
![DSC_0856[1]](https://leenhuet.be/wp-content/uploads/2020/03/dsc_08561.jpg?w=656)
Quarantaine: een goede gelegenheid om door de storm afgewaaide takken op te ruimen in mijn ouders tuin. Al doende stuitte ik op een tak met een vreemde versiering: twee beursjes in een fraaie kleur. Geen idee wat het is, maar het zag eruit alsof het met vruchtbaarheid te maken had en nieuw leven bevatte.
![DSC_0858[1]](https://leenhuet.be/wp-content/uploads/2020/03/dsc_08581.jpg?w=656)
![DSC_0860[1]](https://leenhuet.be/wp-content/uploads/2020/03/dsc_08601.jpg?w=656)
Een fazantenhaan wandelde haast tot bij de voordeur. “Fazanten zijn niet slim,” overwoog ik. “Nee,” zei mijn vader, “fazanten zijn niet bang.”
We praatten ook over ziekenhuizen. “Daar kun je soms moed scheppen,” zei mijn moeder. Dat had zij er in elk geval gedaan. “Ik ben er toch door gesparteld.”
“Zouden jullie het, net als ik, geen uitstekend idee vinden als we met zijn allen, net als zovelen voor ons, zowel de dood als het slechte voorbeeld van anderen ontvluchten door de stad te verlaten en naar een landgoed te trekken zoals ieder van ons er meer dan één bezit? Daar zouden we, zonder de grenzen van wat betamelijk is te overschrijden, ten volle van het leven kunnen genieten. Daar kwinkeleren de vogels, daar groenen de heuvels en dalen, daar golven de korenvelden als een zee, daar groeien ontelbare soorten bomen, en de weidse hemel ontzegt ons ondanks zijn toorn zijn eeuwige schoonheid niet en is toch veel aangenamer om te aanschouwen dan de verlaten wallen van onze stad.”
Nu of nooit. Quarantaine, tijd om eindelijk de hele Decamerone eens te lezen, in die prachtige vertaling van Frans Denissen. Het verhaal begint tijdens de pestepidemie in mijn geliefde Florence…
Wandelend in Rotterdam stuitten we op dit wonderlijke monument, gewijd aan 1 april 1572, het “morgenrood der vrijheid”. Den Briel veroverd voor Oranje, stond op de achterzijde te lezen. Enkele zeerovers enterden een havenstadje. De Beeldenstorm was al zes jaar eerder losgebarsten. Alle kunstwerken in kerken aan diggelen. Calvinisten zien kerken immers graag opzichtig sober. De martelaren van Gorcum moesten nog gemarteld worden. En iets naar het zuiden, in de mooie metropool Antwerpen, publiceerde Volcxken Dierix het eerste boek over de kunstgeschiedenis van Lage Landen, bijeengedicht door Dominicus Lampsonius.
Je kunt Erasmus natuurlijk fotograferen tegen de achtergrond van de Grote Kerk in Rotterdam, maar een kwartslag draaien geeft je misschien een beter beeld van zijn stedelijke omgeving. Hoe keek hij zelf terug op zijn geboorteplaats? De biografie door Johan Huizinga die ik onlangs in De Slegte vond, zal hopelijk uitkomst brengen.
Uit het essay dat ik voor Openbaar Kunstbezit in Vlaanderen schreef over de Van Eyck-expo in Gent (nu te lezen in het maartnummer): “De intrigerende Margaretha van Eyck lag volgens Lucas de Heere net als haar broer Hubert begraven in de omgeving van de Vijdkapel, geen geringe eer. Zij mocht zich in de negentiende eeuw in een bijzondere belangstelling van kunsthistorici verheugen en speelde zelfs een rol in een populaire historische roman uit 1861 van de Britse auteur Charles Reade, waarin zij optreedt als de leermeester van een jonge miniaturist die de vader zal worden van de beroemde filosoof Desiderius Erasmus.” Jazeker. Zie ook Oude meesteressen en Oud Papier.
Brachten we een paar dagen door in het heerlijke Rotterdam, zagen we dit bij Boekhandel Donner. Geheel terecht, want onder die bekende schilders van Lampsonius vind je heel wat Nederlanders.
Op 15 mei opent er een nieuw museum in de Koninklijke Bibliotheek, KBR, in Brussel. Bij wijze van voorproefje toonde men ons enkele prachtige verluchte handschriften uit de librije van de hertogen van Bourgondië. (Een mooi woord, librije. Misschien zal ik mijn boekenkast voortaan ook zo noemen.) Het psalterium van Peterborough zwaaide open als een feest van goud, blauw, rood, groen. Een verkwikkende aanblik in deze wakke winter.
Op 12 februari 2020 fotografeerde ik de de eerste camelia in mijn ouders tuin. Een vroegterecord, vermoed ik. Gisteren bloeiden er twee bloemen vrijuit aan de struik, en storm Dennis hebben ze lang kunnen weerstaan.