
“Wellicht bent u actiever dan ooit, Klio, want er zijn meer historici aan het werk dan ooit tevoren. Al die activiteit vindt echter grotendeels plaats in stilte. Uw woorden zijn nu doordachte woorden op papier, die de lezers met aandacht overwegen, terwijl ze notities maken of af en toe met een potlood een uitroepteken plaatsen in de marge. Uw woorden staan in de boeken van Tacitus, van Saint-Simon, van Jacob Burckhardt, van Johan Huizinga, Henri Pirenne en Helene Nolthenius. Ik mis soms uw vanzelfsprekend zingen op elke dag van de week. Radiostemmen spreken me voortdurend toe, televisiestemmen, liedjeszangers, woordvoerders, opiniërende hoofdredacteurs en wie al niet. Allen dompelen ze me onder in een stroom van informatie. Maar nooit lijkt die alomtegenwoordige informatie de rol van de geschiedenis te verduidelijken.”
Ik word brutaler met de dag, nu richt ik me al rechtstreeks tot de Muze Klio.
Lees het hele epistel bij Rekto:verso.




In de Oxfamboekhandel lag een elegant boekje over 33 manieren om je sjaal te knopen. Mijn enthousiasme werd afgeremd door de aantekening op de eerste bladzijde: “Van J. Huwelijksaanzoekreis New York. mei 2016.” Is het huwelijk al ten einde dan, amper een jaar later? Of is er iemand eenzaam voor het altaar blijven staan? En zo wandelt een mens dubbend voort.

Intussen zal haar schilderij al gevorderd zijn.