Op verzoek van een vriend en collega-kunsthistoricus keek ik mijn artikelen voor het NWT nog eens na. Eerst mocht ik een reeks leveren met een alternatieve kunstgeschiedenis (beginnend met het epitaaf voor Yolente van Belle en eindigend met een zelfportret van Louise de Hem, maar niet uitsluitend gewijd aan vrouwelijke kunstenaars of opdrachtgevers) en daarna een reeks met bizarre Belgische kunstwerken en kunstenaars. Ik herontdek nu zelf de schilderijen van Louis Baretta in Veurne en het schilderij van Georges Baltus met de weergave van de heilige Christina de Wonderbare uit Sint-Truiden. Baltus schilderde de heilige in trance zwevend boven haar geboortestad en het Duitse bombardement van 1914 afwerend. Als ze nog vereerd wordt, zou Christina de Sint-Truidenaren dezer dagen van pas kunnen komen.
In mei 2000 was het afgelopen met het NWT. Ik kijk met plezier terug op wat ik voor dit bijzondere tijdschrift geschreven heb.
Die omslagen, die hadden wel feestelijker gekund.

Tijdschriften zijn een luxe. Niets aangenamers dan wegzinken in mooie beelden en de wereld even vergeten. In het Eos-nummer gewijd aan Jan van Eyck stuitte ik dan ook nog eens op reclame voor het beste boek van 1572, nu eenvoudig te bestellen bij uw favoriete boekhandel.
In de etalage van Boekhandel Boekarest hangt een mooi bericht.

Ik mis de tulpen, narcissen en keizerskronen in mijn ouders tuin al. Zondag nog gefotografeerd, vandaag bloeien ze waarschijnlijk al wijd open.![DSC_0856[1]](https://leenhuet.be/wp-content/uploads/2020/03/dsc_08561.jpg?w=656)
![DSC_0858[1]](https://leenhuet.be/wp-content/uploads/2020/03/dsc_08581.jpg?w=656)
![DSC_0860[1]](https://leenhuet.be/wp-content/uploads/2020/03/dsc_08601.jpg?w=656)
“Zouden jullie het, net als ik, geen uitstekend idee vinden als we met zijn allen, net als zovelen voor ons, zowel de dood als het slechte voorbeeld van anderen ontvluchten door de stad te verlaten en naar een landgoed te trekken zoals ieder van ons er meer dan één bezit? Daar zouden we, zonder de grenzen van wat betamelijk is te overschrijden, ten volle van het leven kunnen genieten. Daar kwinkeleren de vogels, daar groenen de heuvels en dalen, daar golven de korenvelden als een zee, daar groeien ontelbare soorten bomen, en de weidse hemel ontzegt ons ondanks zijn toorn zijn eeuwige schoonheid niet en is toch veel aangenamer om te aanschouwen dan de verlaten wallen van onze stad.”