Meisje

Haarlokken van Mary en Percy Bysshe Shelley. Bodleian Library, University of Oxford
Haarlokken van Mary en Percy Bysshe Shelley. Bodleian Library, University of Oxford

All the time she could command she spent in solitude. She would ramble to the most unfrequented places, and scale dangerous heights, that in those unvisited spots she might wrap herself in loneliness. Often she passed whole hours walking up and down the  paths of the woods; she wove garlands of flowers and ivy, or watched the
flickering of the shadows and glancing of the leaves; sometimes she sat
beside a stream, and as her thoughts paused, threw flowers or pebbles into
the waters, watching how those swam and these sank; or she would set afloat
boats formed of bark of trees or leaves, with a feather for a sail, and
intensely watch the navigation of her craft among the rapids and shallows
of the brook.

Mary Shelley, The Last Man, 1826

Jean-Baptiste

Toile~1Een naamgenoot die me bevalt, omdat hij niet alleen een uitstekende dierenschilder was, maar ook ontwerpen maakte voor toile de Jouy, dat bekoorlijke bedrukte katoen van de achttiende eeuw. In opdracht van textielmagnaat Christophe Philippe Oberkampf en diens manufactuur in Jouy-en-Josas tekende Jean-Baptiste Huet menig patroon van vignetten uit het dagelijks leven. Bij wijze van insidersgrapje ontwikkelde hij in 1783 ook een patroon dat de activiteiten in de manufactuur voorstelde, het nogal befaamde Travaux de la manufacture. Links zien we Jean-Baptiste en zijn opdrachtgever zelf aan het werk, rechts wordt het katoen gewassen. Een zomerjurk in die stof zou mooi kunnen zijn. Misschien moet ik het museum eens bezoeken.

Zie ook het doorwrochte artikel op Les petites mains

Raar woord

De graven van een katholieke vrouw en haar protestantse echtgenoot, Roermond
De graven van een katholieke vrouw en haar protestantse echtgenoot, Roermond

Op beeldbank Retronaut tref ik onder deze foto een raar woord aan, de letterlijke vertaling in het Engels van ‘verzuiling’. “The graves of Colonel J.C.P.H and Catholic noblewoman J.W.C Van Gorkum. They were married in 1842. In 1888, Van Gorkum died, she wanted to be buried next to her husband. Pillarisation (a form of religious and political segregation in Holland) was still in effect at the time, and according to the law, this was impossible.” Pillarisation? Is dit een verzinsel? Zou een Engelstalige niet veeleer segregation zeggen?

Zie ook de bron, Atlas obscura

Handig

Van Hoogstraten, Doorzicht, Dyrham Park. Copyright National Trust
Van Hoogstraten, Doorzicht, Dyrham Park. Copyright National Trust

Mooi perspectief. En zo’n ronde borstel lijkt me verrassend handig.
Een schilderij van Samuel Van Hoogstraten, geboren in Dordrecht. Mijn Immerzeel vertelt: “hij schilderde ook landschappen, stille en woelende waters, dieren, bloemen en vruchten, en onderscheidde zich bijzonder in perspectiven of doorzigten en in stillevens. In 1651 vertrok hij naar Weenen, Rome en vervolgens naar Londen. In alle die steden vond hij bewonderaars, en zamelde hij eene ruime schatting in van eer en voordeel. […] Nu wedergekeerd en te Dordrecht gevestigd, leefde hij aldaar als een man van aanzien, werd gezocht en bemind, en bekleedde hij den eerepost van Provoost der Hollandsche Munt, waaraan het huishoudelijk beheer derzelve verbonden was.”

Liefhebbers van de National Trust: neem een kijkje op Treasure Hunt.

Aartslogenaar

Waarschuwing
Waarschuwing

De Stichting Kerkelijk Kunstbezit in Nederland is opgeheven wegens stopzetting van subsidie. Uit de bibliotheek koop ik, via Antiquariaat Hiëronymus Bosch, een kunsthistorisch naslagwerk uit 1842, De Levens van Immerzeel. Amper heb ik deel I geopend of er valt een papiertje met waarschuwing uit.

Woordkeuze

Ik hoor over de radio dat het koninklijk paar op bezoek is in Leuven. “Er waren enkele nationalistische tegenbetogers,” zegt de journaliste.
Nationalistische tegenbetogers? Dan kun je evengoed zeggen dat er royalistische tegenbetogers waren.
Regionalistische tegenbetogers, meisje, regionalistische.

Reuzin

Fiere Margriet
Fiere Margriet

Slenterend over de jaarmarkt werd ik gecharmeerd door een beroemde stadsgenote: Fiere Margriet heeft een lief gezicht en een mooie rode rok, en ze stond daar zo aardig, bij het museum. Bovendien, een meisje dat al eeuwen bekend is om haar verzet tegen verkrachting durf ik gerust een feministe te noemen.

Mogelijk

Carpaccio, Augustinus in zijn studeerkamer, Scuola di S. Giorgio degli Schiavoni, Venetië
Carpaccio, Augustinus in zijn studeerkamer, Scuola di S. Giorgio degli Schiavoni, Venetië

Mijn ouderwetse agenda leert me dat het de feestdag is van een belangrijke schrijver uit de Oudheid: Augustinus, de Algerijn uit Hippo. En in een boekje met citaten uit zijn baanbrekende, Proustiaanse Bekentenissen, lees ik: “Nadat ik er eenmaal een gezondere kijk op had gekregen, kon ik niet anders meer dan tot de conclusie komen dat het hogere dan misschien wel beter is dan het lagere, maar dat de combinatie van het hogere en het lagere weer beter is dan het hogere alleen.”
Dat geeft een soort moed.

Augustinus, Belijdenissen, tekstkeuze door C. White, Baarn, 2001, p. 49.
(Zeshonderdste bericht. Die stoel, dat boekenrek. Dat hondje.)

Krassende raaf

TH. de Viau, de dichter als boetvaardig pamflet
Th. de Viau, de dichter als boetvaardig pamflet

Ik geloof dat ik sympathie zou kunnen koesteren voor de zeventiende-eeuwse dichter Théophile de Viau. Dat plechtige Frans is ook zo grappig. Een raaf krast voor me uit. Laten we het een herfstgedicht noemen. Terug naar school, en zo.

Un Corbeau devant moi croasse,
Une ombre offusque mes regards,
Deux belettes et deux renards
Traversent l’endroit où je passe :
Les pieds faillent à mon cheval,
Mon laquais tombe du haut mal,
J’entends craqueter le tonnerre,
Un esprit se présente à moi,
J’ois Charon qui m’appelle à soi,
Je vois le centre de la terre.

Ce ruisseau remonte en sa source,
Un bœuf gravit sur un clocher,
Le sang coule de ce rocher,
Un aspic s’accouple d’une ourse,
Sur le haut d’une vieille tour
Un serpent déchire un vautour,
Le feu brûle dedans la glace,
Le Soleil est devenu noir,
Je vois la Lune qui va choir,
Cet arbre est sorti de sa place.

Afbeelding: The less naughty work of Théophile de Viau