Heel vreemd: ik wilde de verf aanraken. Dat overkomt me niet vaak bij schilderijen. Maar in Ruimte Morguen zag ik de verf in korsten en pieken, in splinters en scherven boven op de virtuoze voorstellingen liggen. Eerst een technisch volmaakt schilderij schilderen, met taferelen die sinister, onschuldig of zwaar beladen zijn – dat is niet meteen duidelijk; dan enkele stappen afstand nemen, het resultaat bestuderen; vervolgens het penseel opnieuw in de verf dopen en een ongebreideld antwoord geven op al die virtuositeit. Het levert een bijzondere ervaring op, alsof je in chaos een verontrustend beeld ziet ontstaan en vergaan, alsof je in dezelfde kamer naar klassieke en experimentele muziek luistert, die elkaar toch wonderlijk voortstuwen.
De concentratie die deze schilderijen van me eisten, deed me goed. We worden dag in dag uit overvoerd met voorbijflitsende beelden, dan is het verhelderend om een half uur naar vier schilderijen aan een wand te kijken en hun kracht op het oog te laten inwerken. En ik beleefde het genoegen de kunstenares zelf over haar werk te horen spreken, nu eens terloops, dan weer met filosofische precisie. Vorige week de prenten van Hiëronymus Cock, aan wie ik geen vragen meer kan stellen, deze week Interference van Els Nouwen: veel om over na te denken.
Interference, in Ruimte Morguen, Waalse kaai 22, Antwerpen, tot 8 juni.









